|
Boeddhisme
Voor het eerst gepubliceerd door Tushita
Mahayana Meditation Centre, New Delhi, 1982, voor de tweede
Dharma Celebration, november 5 - 8, 1982, New Delhi, India.
De les was gegeven in Australia, 1975, editing door Nicholas
Ribush.
Wanneer we het boeddhisme bestuderen, bestuderen
we onszelf - we leren over de aard van onze eigen geest. De
nadruk ligt niet op iets verhevens; het gaat over praktische
zaken zoals hoe we ons dagelijks leven leiden en hoe dit in
onze geest te integreren zodat de geest vredig en gezond kan
blijven. In andere woorden, de nadruk ligt op het ervaren
van kennis-wijsheid, niet op dogmatische zienswijzen. In feite
zouden we in westerse terminologie zeggen dat boeddhisme geen
religie is, maar eerder filosofie, wetenschap of psychologie.
De menselijke geest is instinctief op zoek
naar geluk; in dit opzicht zijn oosterlingen en westerlingen
niet verschillend. Maar als je levenswijze de wereld van de
zinnen overmatig benadrukt, en je er emotioneel aan vastklampt,
dan wordt het erg gevaarlijk - je bent de beheersing kwijt.
Beheersing is geen oosterse gewoonte of een boeddhistische
'trip'; we hebben allemaal beheersing nodig. Vooral degenen
die een materialistisch leven leiden en teveel aan objecten
gehecht zijn. Vanuit het gezichtspunt van het boeddhisme is
zo'n geest niet gezond, maar mentaal ziek. Je weet al dat
externe wetenschapelijke vooruitgang alleen niet alle wensen
van onze hechting kan vervullen, of je emotionele problemen
kan stoppen.
Daarom is de methode die de Boeddha onderricht
erop gericht je de aard van de menselijke geest en je menselijke
potentieel te laten zien, en hoe je je verder kunt ontwikkelen.
Bovendien, deze methode legt geen nadruk op blind geloven,
maar op het begrijpen van metafysische processen. Maar, of
je nu religieus bent of niet, een gelovige of ongelovige bent,
het meest belangrijke is om de aard van je geest te kennen.
Als je dat niet doet is het heel eenvoudig om te denken dat
je gezond bent en goed functioneert in je dagelijks leven,
terwijl in feite de wortels van verstorende emoties zich sterker
en dieper in je geest vastgroeien. Met deze fundamentele oorzaak
van psychologische ziekte in jezelf, kan een minimale verandering
in je omstandigheden een mentale ziekte teweegbrengen. Zo
lang als je helemaal bent ondergedompeld in blinde gehechtheid
aan de wereld van de zintuigen, zonder de natuur van je geest
te kennen, kan dit zomaar gebeuren. Je kunt dit niet verwerpen:
"Ik geloof het niet". Je kunt je eigen neus ook
niet verwerpen: "Ik gelof niet dat ik een neus heb".
Of je het gelooft of niet, je neus is er!
Veel westerlingen zeggen: "Ik geloof
nergens in"; ze zijn zo trots om ongelovigen te zijn.
Maar check dit - het is heel belangrijk te weten. In het westen
zijn er zoveel tegenstellingen: wetenschappers denken dat
ze ongelovigen zijn; religieuze mensen denken dat ze gelovigen
zijn. Maar of je nu denkt een gelovige of ongelovige te zijn,
je moet de aard van je eigen geest kennen.
Je praat altijd over verlangens en gehechtheden,
maar je weet niet hoe ze te beheersen. Om het woord te zeggen
is makkelijk, maar om de aard van gehechtheid te kennen is
erg moeilijk. Een eenvoudig voorbeeld: auto's en vliegtuigen
zijn uitgevonden zodat mensen dingen sneller kunnen doen,
zodat ze meer tijd hebben voor ontspanning; maar het resultaat
is dat de geest van mensen rustelozer is dan ooit. Ik klaag
niet, maar onderzoek je eigen leven. Ik probeer te zeggen
dat het hele land bezig is in de wereld van de zintuigen,
beheerst door hun verlangens en gehechtheid, je hebt geen
kans om de waarheid van je eigen geest te zien. Ik noem dat
soort life-style moeilijk. Er is geen enkele manier waarop
je jezelf helemaal kunt vermaken en voldoening te beleven,
omdat ware voldoening vanuit de geest komt, niet van externe
verschijnselen.
Moderne, intelligente, skeptische jongeren
hebben wat begrip van wat er belangrijk in het leven is, en
weten dat geluk niet alleen van tijdelijke, of - in boeddhistische
termen "samsarische" objecten afhangt. Daarom zoeken
ze naar iets wat echte voldoening geeft. Toen de Boeddha zoveel
over het lijden sprak, doelde hij niet in eerste instantie
niet op lichamelijke ziekte en pijn, maar naar ontevredenheid.
Ontevrednheid is het echte lijden. Het maakt niet uit hoeveel
je krijgt, je verlangens verminderen niet; je wilt altijd
meer. Dat is lijden, dat is misleide frustratie.
De boeddhistische psychologie somt zes fundamentele
waanideeën op die frustreren en de rust van de menselijke
geest verstoren, en rusteloosheid veroorzaken: verlangen,
woede, onwetendheid, trots, misleide twijfel en vasthouden
aan foutieve zienswijzen. Dit zijn mentale en niet externe
fenomenen. Dus toen de Boeddha aan mensen vertelde hoe ze
van deze waanideeën af konden komen, legde hij de nadruk
op het begrijpen van hun ware aard, niet eenvoudig op geloof
en vertrouwen. Zonder je eigen geest te onderzoeken en het
ontwikkelen van zelfbeschouwende kennis-wijsheid is het niet
mogelijk een dergelijk begrip te verkrijgen. Ondanks dat we
veel over waanideeën praten, weten we eigenlijk van niets.
Deze fundamentele waanideeën komen vanuit het ego, zij
maken de geest rusteloos. Om vrij te zijn hoef je geen bezittingen
op te geven. Je kunt je bezittingen houden, maar als je dat
met hechting doet, dan maak je jezelf rusteloos en je leven
moeilijk; je houdt je geest mistig en vervuild. De vertroebelde
geest is van nature onwetend en opgewonden; het licht van
de wijsheid kan in zo'n geest niet groeien. De oplossing van
dit probleem ligt in meditatie.
Meditatie is niet alleen in een hoekje niets
zitten doen, proberen éénpuntige concentratie
te ontwikkelen. Het is een soort wijsheid die vrij is van luiheid,
met als functie het bewustzijn van de staat van de geest.
In je dagelijkse leven zou je je bewust moeten zijn van alles
wat je doet, waarom en hoe je het doet. Gewoonlijk doen we
alles onbewust; we eten onbewust, drinken onbewust, praten
onbewust. We hebben geen idee wat er in onze geest gebeurt,
zelfs als we zeggen dat we 'bij bewustzijn' zijn. Ik probeer
je niet te veroordelen, je te kleineren, maar je moet zelf
kijken. In het boeddhisme geven we ideeën aan zodat je
die kan oncderzoeken en ervaren. Il praat niet over iets hoog
in de lucht. Dit is heel eenvoudig. Als je de aard van
hechting en zijn objecten niet kent dan is het onmogelijk
voor je om liefdevolle vriendelijkheid voor je vrienden, ouders
en land te voelen. Omdat je geest onbewust is, doe je mensen
die je na staan pijn. Op dezelfde manier, iemand die kwaad
is vergeet zichzelf helemaal; hij heeft geen idee wat er in
zijn geest gebeurd. Je kent het wel; dit zijn gewoon voorbeelden
van wat we doen. We doen anderen vaak pijn door onbewust te
zijn: we zijn ons niet bewust van ons gedrag of mentale houding
en hebben geen respect voor anderen.
In het westen zijn er mensen met een specialistische
opleiding in psychologie. Maar de Boeddha wil dat we allemaal
psychologen worden; je zou je eigen geest moeten kennen. De
Boeddha voelt dat het zeer wel mogelijk is dat iedere mens
de mogelijkheid heeft zijn eigen geest te kennen en daardoor
te beheersen. Wanneer je de eigen geest begrijpt, komt de
beheersing vanuit zichzelf. Denk nu niet dat het onderzoeken
van de geest een Himalaya trip is, iets alleen voor mensen
die geen bezittingen hebben. Maar check; als je ergens emotioneel
bij betrokken bent, in plaats van iets te doen, ontspan jezelf;
probeer je bewust te zijn van wat je doet. Vraag jezelf: "Wat
doe ik? Waarom? Wat laat me dit doen?" Het is echt verbazingwekkend
als je jezelf zo analyseert. Met begrip kun je je problemen
makkelijk stoppen. Ons probleem is dat we intensieve kennis-wijsheid,
oplettendheid of bewustzijn missen, het maakt niet uit hoe
je het noemt.
Om anderen liefdevolle vriendelijkheid te
laten zien moet je de aard van het object kennen. Als je dat
niet doet, kom je in één of andere arrogante
ego-trip terecht. "Ik hou van hem", "ik hou
van haar". Probeer er zeker van te zijn van het hoe en
waarom - het is zo belangrijk om je eigen psycholoog te worden.
Dan kun je jezelf met je eigen wijsheid behandelen, en van
je bezittingen genieten met een ontspannen geest in plaats
van een rusteloze en op hol geslagen geest die je leven ruineert.
Om een psycholoog te worden hoef je geen
grote filosofie te leren; je hoeft alleen maar je eigen geest
dagelijks te onderzoeken. Je onderzoekt materiele dingen dagelijks
- het eten in je keuken bijvoorbeeld - dus waarom zou je je
geest niet kunnen checken? Dit is veel belangrijker.
Het leven in het westen is gebaseerd op een
houding van: " Ik kan altijd de oplossing voor mijn problemen
in de supermarkt kopen." Je denkt dat je altijd naar
de apotheek kunt gaan en wat pillen kunt halen; dat wanneer
je emotioneel gefrustreed bent, je bij de dokter een pil kunt
halen. Denk je echt dat die remedies echt helpen? Natuurlijk
niet. Hoewel ze lijken te helpen, gaat het effekt snel over.
Ze vernietigen niet eens de symptomen van emotionele waanideeën,
ze maken je alleen traag en lui en meer onwetend.
Jullie materialistische geest denkt dat plezier
en geluk gekocht kunen worden, maar dat gaat niet. Diep in
je geest zit het idee dat je een vredige geest in de supermarkt
kunt kopen. Dat is een totaal verkeerde opvatting. Religieuze
mensen zouden ook hun eigen geest moeten begrijpen in plaats
van alleen ergens in proberen te geloven; dat is veel praktischer.
Gelof alleen kan je problemen niet oplossen; alleen begrijpende
kennis-wijsheid kan dat. De Boeddha zei zelfs dat het gevaarlijk
is om in de Boeddha te geloven, en spoorde ons aan om in plaats
daarvan onze eigen geest te begrijpen. Als je iets met je
eigen geest hebt ontdekt, dan is het juist om erin te geloven.
Geloof wat gebaseerd is op realisaties of helder intellectueel
begrip is volkomen in orde. Maar als het je niet duidelijk
is waarom je gelooft waar je in gelooft, dan kan je geloof
makkelijk door anderen vernietigd worden. Veel mensen met
een spirituele inslag zijn zwak omdat ze de ware aard van
hun geest niet begrijpen. Begrip is een vorm van mentale energie:
het ondersteunt je geest en houdt het gezond.
Als je de zienswijze van je geest begrijpt,
of hoe je dingen waarneemt, dan realiseer je dat je de hele
tijd aan de wereld van de zintuigen hebt vastgehouden, en
aan een gefantaseerde, idealistische toekomst die eenvoudig
een projektie van je geest is, die geen enkele fysieke realiteit
bezit; dan ben je helemaal onbewust van het heden geweest.
Je zult moeten toegeven dat dit een ongezonde staat van de
geest is.
Het is erg belangrijk om tijdens je hele
dag een bewustzijn te handhaven. De aard van wijsheid en oplettendheid
is vrede en geluk. Je hoeft niet naar de ervaring van plezier
te grijpen, of iets anders dat het kan geven; je moet eenvoudig
juist handelen met het juiste begrip. Zo komt het resultaat
van geluk spontaan tevoorschijn. Je hoeft niet te denken:
"Als ik mijn hele leven zo doorbreng, dan zal ik in mijn
volgende leven het goede resultaat ervaren". Je hoeft
niet geobsedeerd te zijn om één of andere realisatie
te bereiken. Zo lang als je handelt met zoveel begrip als
je kunt, zul je snel de realisatie van eeuwigdurende vrede
bereiken.
|