Home Maitreya Instituut
 

Eenvoudige verklarende woordenlijst

Nummers  A  B  C  D  E  F  G  H  I  J  K  L  M  N  O  P  R  S  T  U  V  W  Z

4 Edele waarheden: het ware lijden (dukkha), de ware oorzaak van het lijden, de ware opheffing, en het ware 8-voudige pad.

6 Perfecties: In de Mahayana tradities wordt veel nadruk gelegd op het beoefenen van de zes perfecties: vrijgevigheid, ethiek, geduld, enthousiaste volharding, concentratie en wijsheid.

8-Voudig pad: als onderdeel van de 4 Edele Waarheden, omschreef de Boeddha het als essentieel om het spirituele pad correct te kunnen bewandelen dat we de volgende zaken op de juiste manier benaderen: spraak/communicatie; acties, handelingen; levensonderhoud; inspanning; bewustzijn; concentratie; motivatie/intentie; inzicht (in de realiteit)

10 Schadelijke activiteiten:

  • Drie fysieke schadelijke activiteiten: doden, stelen en sexueel wangedrag (overspel)
  • Vier verbale schadelijke activiteiten: liegen, tweedracht zaaien, schelden en grove taal gebruiken, zinloos kletsen
  • Drie mentale schadelijke activiteiten: hebzucht, kwaadwil, verkeerde zienswijzen

Ani (ook Ani-la): Tibetaanse aanspreektitel voor een non.

Arhat: Sanskriet voor een boeddhistische heilige die verlossing van de cyclus van ongecontroleerde wedergeboorte (samsara) heeft bereikt, en daarme het 'nirvana'.

Arya: Persoon die de waarheid van de leegte direct gerealiseerd (ervaren) heeft.

Atisha Dipamkara Shrijnana: Belangrijke Indiase boeddhistische meester (982-1052) die in de 11de eeuw naar Tibet gegaan is, en daar een heropleving van het boeddhisme veroorzaakt heeft na een periode van vervolging door koning Langdharma.

  
 
Thangka 1000-armige
Avalokiteshvara

Avalokiteshvara: (Tibetaans: Chenrezig). Een meditatieboeddha die vooral compassie/mededogen symboliseert. Een belangrijke boeddhavorm binnen het Tibetaans boeddhisme. Zie ook Tantra.

Bardo: Tibetaans voor 'tussenstaat', dit is de toestand tussen sterven en wedergeboorte.

Basic Program: Onderdeel van het studieprogramma dat grondig op de filosofie en praktijk van het Tibetaans boeddhisme ingaat. Komt overeen met het Basic Program van de FPMT.

Bestaanswerelden: Volgens het boeddhisme bestaan er veel verschillende werelden waar voelende wezens leven. Afhankelijk van wat deze wezens voor een soort ervaringen meemaken, worden de volgende ervaringswerelden beschreven: de drie 'lagere bestaanswerelden' met een hels bestaan, de zogenaamde hongerige geesten of preta's (geplaagd door honger en dorst) en dieren; daarnaast de drie 'hogere bestaanswerelden' met mensen, halfgoden en goden (die een hemels bestaan hebben). Al deze wezens bevinden zich binnen de cyclus van leven, dood en wedergeboorte.

Bevrijding: Het vrij zijn van de cyclus van ongecontroleerde wedergeboorte, waarin problemen en pijn bestaan. Iemand die de bevrijding bereikt heeft is een Arhat of een Boeddha.

Bewuste wezens (of voelende wezens): Wezens binnen het cyclische bestaan (samsara) die een geest/bewustzijn/gevoel bezitten. Dieren worden in het algemeen tot bewuste wezens gerekend, planten niet.

Bewustzijn: zie geest

Bodhicitta: Sanskriet voor 'verlichtingsgeest'. De wens om alle voelende wezens naar de verlichting te voeren, en daarom het Boeddhaschap willen bereiken. Dit is de motivatie van een Bodhisattva.

Bodhisattva: Sanskriet voor 'verlichtingswezen'. Een persoon die de Bodhicitta-motivatie heeft om alle voelende wezens naar de verlichting te willen voeren, en daarom het Boeddhaschap wil bereiken.

Bodhisattva-gelofte: Er zijn in principe twee soorten bodhisattva geloften; de wensende bodhisattva-gelofte waarbij je het voornemen hebt om een boeddha te worden voor het welzijn van alle wezens, en de ondernemende bodhisattva-gelofte waarbij je invulling geeft aan de wens, door te trainen in de drie soorten morele zelfdiscipline van de bodhisattva's.

Boeddha: Een volledig verlichte, ontwaakte, alwetende persoon die alle negative kwaliteiten heeft gezuiverd en alle positieve kwaliteiten volledig heeft ontwikkeld. Een Boeddha is niet meer gebonden aan de kringloop van ongecontroleerde wedergeboorte (samsara) en ervaart geen lijden (dukkha) meer. 'De Boeddha' verwijst meestal naar de historische Shakyamoenie Boeddha. Zie ook de pagina Boeddha.

Boeddhadharma: De leer van de Boeddha, binnen het boeddhisme ook vaak Dharma genoemd.

   Thangka van 4-armige Chenrezig (Avalokiteshvara)
 
Thangka van
4-armige Chenrezig

Boeddhisme: Eén van de vier grootste wereldreligies, gebaseerd op de leringen van Shakyamoenie Boeddha die rond de 6e eeuw voor onze jaartelling in India leefde en de allerhoogste staat van verlichting bereikte.

Chenrezig: Tibetaans voor Avalokiteshvara (Sanskriet), Een meditatieboeddha die vooral compassie/mededogen symboliseert. Een belangrijke boeddhavorm binnen het Tibetaans boeddhisme. De meest bekende mantra in Tibet is ook van Chenrezig: OM MANI  PADME HOEM. Zie ook Tantra.

Compassie (of mededogen): De wens dat alle voelende wezens vrij zijn van problemen en lijden. Zie ook het transcript Het goede hart door Lama Zopa Rinpochee.

Cyclisch bestaan: zie samsara.

Dalai Lama: Spiritueel en politiek leider van het Tibetaanse volk. In tegenstelling tot wat veel mensen denken, is hij niet het hoofd van de Gelugpa traditie waartoe hij behoort. (Dat is de Ganden Tripa)

Dharma: Sanskriet woord met meerdere betekenissen, maar binnen het boeddhisme wordt er vooral de leer van de Boeddha mee aangeduid.

Dharmabeschermer: Dharmabeschermers zijn traditioneel vaak toornige boeddhavormen. Speciaal Lid van het Maitreya Instituut - zie ook lidmaatschap.

Dier: Voelend wezen binnen het cyclische bestaan (samsara) dat in de dierenwereld terecht is gekomen door onwetendheid en geplaagd wordt door de angst verslonden te worden, gebruikt te worden door bijvoorbeeld mensen, het niet kunnen uitdrukken van gevoelens etc..

Discovering Buddhism: Onderdeel van het Maitreya studieprogramma, geschikt voor mensen die willen kennismaken met het Tibetaans boeddhisme, maar vooral ook bedoeld als stevige basis willen leggen voor nadere studie en beoefening. Discussies en meditaties maken deel uit van de lessen. In de cursus komen veertien kernonderwerpen uit het Tibetaans boeddhisme aan bod. Dit is het Nederlandse equivalent van het FPMT Discovering Buddhism programma.

Djenang: Tibetaans voor 'vervolgtoestemming. Dit is een tantrische initiatie (toestemming) voor het beoefenen van een bepaalde meditatieboeddha (Yidam). Djenangs zijn eigenlijk vooral bedoeld voor mensen die al eerder een volledige initiatie ('wang') in dezelfde meditatieboeddha hebben ontvangen, of een initiatie in de hoogste klasse van tantra, die dan de volledige beoefeningen mogen doen. Mensen zonder zulke voorgaande initiaties mogen wel de meditaties doen, maar mogen zichzelf niet als boeddha mediteren/visualiseren. Als voorwaarde om een djenang te mogen ontvangen dient men vaak de bodhisattva geloften te nemen.

Djindak: Tibetaans voor 'sponsor' - bijzonder lid van het Maitreya Instituut - zie ook lidmaatschap.

Drie juwelen: De objecten van boeddhistische toevlucht: de Boeddha, de Dharma (zijn leer) en de Sangha (spirituele gemeenschap)

Eerwaarde: Aanspreektitel voor monnik of non (in het Engels: Venerable).

FPMT: Foundation for the Preservation of the Mahayana Tradition, een wereldwijde Tibetaans boedhistische organisatie opgericht door Lama Thubten Yeshe en met spiritueel directeur Lama Zopa Rinpochee. Het Maitreya Instituut is met de FPMT geaffilieerd.

Ganden Tripa: de abt van het Ganden klooster en daarmee het hoofd van de Gelug traditie in het Tibetaans boeddhisme. Hij is de opvolger van Lama Tsong Khapa, de stichter van de Gelug traditie.

  
Thangka van de historische Boeddha
 
Thangka van de
historische Boeddha
  Gelug monniken met gele kappen in Nederland
 
Gelug monniken met
rituele gele kappen

Gautama (Boeddha): De historische Boeddha (ook wel Shakyamoenie Boeddha  of gewoon 'de Boeddha' genoemd) die rond 560 v.Chr werd geboren als Prins Siddharta in een klein koninkrijk in Noord-India. Als Indiase prins had hij een zeer comfortabel, rijk en zorgeloos leven. In de wereld buiten zijn paleis werd hij echter geconfronteerd met ziekte, ouderdom en dood. Dat was voor hem aanleiding om zijn koninklijk bestaan vaarwel te zeggen en op zoek te gaan naar de verlichting, de verlossing van het lijden. Zijn inzichten en ervaringen gaf hij door aan zijn leerlingen, zodat zij net als hij de verlichting kunnen bereiken.

Gebedsmolen: zie Maniwiel.

Geest: Een niet-materieel fenomeen dat waarneemt, denkt, herkent, ervaart en reageert op de omgeving. Dit omvat dus niet alleen ons denken, maar ook perceptie en zaken als emoties. In tegenstelling tot de Westerse gedachte dat onze geest (bewustzijn) een functie is van het brein, wordt de geest in het Boeddhisme gezien as een apart, niet-materieel fenomeen, dat ook blijft voortbestaan wanneer het lichaam sterft; dit vormt de basisgedachte achter wedergeboorte.

Gelug (of Gelugpa): Tibetaans voor 'het systeem van de deugdzamen'. Traditie binnen het Tibetaans boeddhisme, gestart door Lama Tsong Khapa. De andere belangrijkste Tibetaanse tradities zijn Nyingma, Kargyü en Sakya. zijne heiligheid de Dalai Lama behoort tot de Gelug traditie.

Geshe: Hoogste studiegraad voor monniken van de Gelug traditie van het Tibetaans boedhisme, te vergelijken met een doctoraat in theologie. Binnen de Geshe titel zijn er ook enkele graderingen, waarvan de Lharampa-graad de hoogste is. Soms wordt 'Geshe-la' gezegd, de 'la' is een toegevoegde beleefdheidsvorm in het Tibetaans. Deze titel was traditioneel uitsluitend voorbehouden aan monniken, maar sinds kort zijn ook de eerste nonnen tot Geshe benoemd.

Goden: (Sanskriet: deva, Tibetaans: lha) Voelende wezens binnen de cyclus van wedergeboorte (samsara) die tijdelijk in hemelse omstandigheden leven. In het boeddhisme wordt niet uitgegaan van het bestaan van een almachtige schepper God zoals in de joods-christelijk-islamitische traditie. Het woord god wordt echter ook wel eens gebruikt om bijvoorbeeld een boeddha aan te duiden of zelfs een lokale geest, waardoor er makkelijk verwarring kan ontstaan.

Goeroe (of Guru): Sanskriet voor 'spirituele leraar'. In het Tibetaans: lama.

Goeroe poedja: Sanskriet voor een rituele gebedsdienst (poedja) toegewijd aan onze spirituele leraren (Goeroes). In het Tibetaans: Lama Chöpa.

Gompa: Tibetaanse voor klooster. Deze term wordt in westerse centra gebruikt voor de belangrijkste meditatie-, gebeds- en lesruimte. (De meditatiehal in een klooster heet in het Tibetaans 'dü khang'). 'Gom' in het Tibetaans betekent meditatie, 'pa' betekent in dit geval plaats.

Guru: zie goeroe

Halfgod: (Sanskriet: Asura) Een voelend wezen binnen het cyclische bestaan (samsara) in een bestaanswereld die de goden benaderd, maar een halfgod wordt vooral geplaagd door jaloezie.

Hartsoetra: Korte, maar zeer belangrijke soetra over de uiteindelijke realiteit (leegte).

Hel: Een bestaanswereld binnen de cyclus van ongecontroleerde wedergeboorte (samsara), wat gekenmerkt wordt door voortdurend extreem lijden en vrijwel geen plezier of geluk.

Hemel: Een bestaanswereld binnen de cyclus van ongecontroleerde wedergeboorte (samsara) als zogenaamde 'god', wat gekenmerkt wordt door voortdurend geluk en vrijwel geen lijden.

Initiatie: Toestemming voor een bepaalde vadjrayana beoefening. De meest bekende soorten initiaties zijn de 'wang' - een volledige initiatie, en de 'djenang' - een vervolgtoestemming.

Jenang: zie djenang.

Kargyü: Eén van de vier belangrijkste scholen binnen het Tibetaans Boeddhisme.

Karma: Sanskriet voor 'actie'. In de wijdere zin wordt hiermee verwezen naar een natuurwet die verklaart dat negatieve acties tegenover andere voelende wezens negatieve gevolgen voor de dader hebben, en dat positieve acties tegenover andere voelende wezens positieve gevolgen voor de dader hebben.

Lama: Tibetaans voor 'spirituele leraar' (Goeroe in het Sanskriet). Niet iedere monnik of non wordt beschouwd als lama, en een lama hoeft niet per se monnik of non te zijn.

Lama Thubten Yeshe (1935-1984): De oprichter van de FPMT, een van de eerste Tibetaanse leraren die veel met westerlingen in contact kwam (rechts op de foto).

Lama Thubten Zopa: De huidige spiritueel directeur van de FPMT (links op de foto), leerling van Lama Thubten Yeshe.

   Lama Thubten Zopa en Lama Yeshe
  
Lama Tsongkhapa
 
Lama Tsong Khapa
en twee discipelen

Lama Tsong Khapa (1357 - 1419): Belangrijke Tibetanse meester en oprichter van de Gelug traditie.

Lam Rim: Tibetaans voor 'stadia van het pad'. Een systematische presentatie van de leringen van de Boeddha. Voor het eerst in deze vorm gepresenteerd door de Indiase meester Atisha (982 - 1054), en vooral verder ontwikkeld in de Gelug traditie van het Tibetaans boeddhisme. Zie ook deze Lam Rim teksten om te downloaden.

Leegte: (Sanskriet: Shunyata) Filosofisch begrip uit het boeddhisme dat de uiteindelijke realiteit beschrijft. Het betekent niet de leegte zoals in een vacuum, maar het ontbreken van enkele eigenschappen die we normaal aan de realiteit toeschrijven. Een directe realisatie (ervaring) van de leegte vormt de basis om aan de ongecontroleerde cyclus van wedergeboorte (samsara) te kunnen ontsnappen. Zie ook zelfloosheid.

Lekengeloften: De geloften die men kan nemen bij het nemen van toevlucht.

Liefde (of liefdevolle vriendelijkheid): De wens dat voelende wezens gelukkig zijn.

Lijden: (Sanskriet: Dukkha) In het Boeddhisme worden drie soorten lijden genoemd; de eerste is 'lijden van lijden', oftewel de onprettige ervaring van pijn en problemen; de tweede is 'lijden van verandering', oftewel het feit dat ook de prettigste ervaring maar van voorbijgaande aard is; en als derde is er het 'allesdoordingende lijden', dit is het feit dat zolang we in de cyclus van ongecontroleerde wedergeboorte vastzitten, waarin er altijd onzekerheid is en problemen en pijn zomaar kunnen ontstaan. Zie ook de pagina Vergankelijkheid en lijden.

Lo Djong: Tibetaans voor 'gedachtetraining', een belangrijk studieonderwerp in de Tibetaanse kloosters en onderdeel van het Basic Program.

Lo Rig: Tibetaans voor 'geest en cognitie', een belangrijk studieonderwerp in de Tibetaanse kloosters dat de basis vormt voor de boedhhistische psychologie, en een onderdeel van het Basic Program,

   Maitreya Boeddha thangka, van  Andy Weber  
 
Maitreya Boeddha
 
 
Mandala van Chenrezig (Avalokiteshvara)
 
 
Chenrezig mandala
 
  Manjushri Meditatieboeddha van wijsheid  
 
Manjushri
 
 
Thangka van de Medicijnboedha, van Andy Weber
 
 
Medicijnboeddha
thangka - Andy Weber

Mahayana: Sanskriet voor 'groot voertuig'. Binnen het boeddhisme één van de twee grote stromingen, de andere wordt Hinayana ('bescheiden voertuig') genoemd, heden ten dage vertegenwoordigd door de Theravada traditie. Het Tibetaans boeddhisme wordt tot het Mahayana gerekend, en binnen het Mahayana tot het Tantrayana of Vadjrayana.

Mahayana geloften: Traditionele geloften die voor 24 uur genomen kunnen worden.

Maitreya: De toekomstige Boeddha, maar ook een voormalige leraar en discipel van Shakyamoenie Boeddha.

Mala: Kralensnoer om gebeden of mantra's te tellen.

Mandala: Sanskriet voor 'cirkel'. 1. Het traditionele beeld van het universum in de boedhistische cosmologie, 2. De symbolische afbeelding van de zuivere wereld die een Boeddha ervaart, waarin iedereen gelukkig is en geen lijden ondergaat.

Mandala offerande: Symbolische offerande van het hele universum.

Mani: Kort voor de mantra van Avalokiteshvara: OM MANI PADME HOEM

Manjushri: Meditatieboeddha die vooral wijsheid symboliseert. Manjushri was ook een belangrijke leerling van de historische Boeddha. Zie ook de Lofzang op Manjushri. Zie ook Tantra.

Maniwiel: Tibetaanse gebedsmolen, genoemd naar de 'Mani-mantra' waarmee deze gebedsmolens vooral mee gevuld zijn. Zie ook de voordelen van gebedsmolens en het ritueel.

Mantra: Sanskriet voor 'denkgereedschap'. Meestal korte zin in het Sanskriet om de geest van verstorende emoties te beschermen. Een zeer bekende mantra uit het Tibetaans boeddhisme is OM MANI PADME HOEM, een nauwelijks te vertalen spreuk met een zeer uitgebreide symbolische betekenis.

Masters Program: Zeer uitgebreid studieprogramma dat gegeven wordt in enkele FPMT-centra in de wereld.

Mededogen (of Compassie): De wens dat voelende wezens vrij zijn van lijden. Zie ook het transcript Het goede hart door Lama Zopa Rinpochee.

Medicijnboeddha: Een meditatieboeddha die vooral heling/genezing symboliseert. Traditioneel worden maandelijks gebedsdiensten (poedja's) georganiseerd die zich richten op deze boeddhavorm, met name op dagen met volle en nieuwe maan. Zie ook Tantra.

Meditatie: Het equivalente Tibetaanse woord 'gom' betekent gewenning, of bekend worden met. Het refereert aan de gewenning aan positieve en realistische staten van de geest.

Nagarjuna: Belangrijke boeddhistische filosoof die rond 150-250 AD in India leefde. Hij was de grondlegger van de Madhyamaka (middenweg) filosofie die vooral in het Mahayana boeddhisme werd overgenomen.

Negative emoties: zie Verstorende emoties.

Nirvana: (Sanskriet) Berustende bevrijding. De staat van een Arhat, vrij van de cyclus van wedergeboorte en lijden. Een Arhat is echter niet alwetend zoals een Boeddha, die in de staat van Parinirvana verkeert.

Nyingma: (Tibetaans voor Oudere school) De oudste van de vier belangrijkste boeddhistische scholen binnen het Tibetaans boeddhisme

Onmetelijke gedachten: Vier positieve staten van de geest met grenzeloos potentieel: liefde, mededogen, gelijkmoedigheid en de wens dat iedereen verlicht wordt.

Ontdek het boeddhisme: Onderdeel van het Maitreya studieprogramma, geschikt voor mensen die eens willen kennismaken met het Tibetaans boeddhisme, maar vooral ook bedoeld voor mensen die een stevige basis willen leggen voor nadere studie en beoefening. Discussies en meditaties maken deel uit van de lessen. In de cursus komen veertien kernonderwerpen uit het Tibetaans boeddhisme aan bod. Dit is het Nederlandse equivalent van het FPMT Discovering Buddhism program.

Onwetendheid: Binnen het boeddhisme worden twee soorten onwetendheid genoemd; de normale onwetendheid van iets niet weten of willen weten, en de tweede soort onwetendheid is over het niet kennen/begrijpen van de leegte, oftewel de ware aard van onszelf en de wereld.

Parinirvana: De allerhoogste staat van een Boeddha, vrij van de cyclus van wedergeboorte (samsara), lijden en onwetendheid.

Poedja: Sanskriet voor gebedsdienst of offerceremonie.

Preta: (Sanskriet) Geobsedeerde geest. Een voelend wezen binnen het cyclische bestaan (samsara) van wedergeboorte dat vooral gekweld wordt door obsessies zoals onstilbare honger en dorst.

Reincarnatie of wedergeboorte: Het geloof in het boeddhisme dat de geest een voortgang van bewustzijn is en sinds beginloze tijden verschillende vormen (levens) aanneemt. Of we goede of slechte ervaringen meemaken hangt af van onze acties (karma) uit het verleden. Ongecontroleerde wedergeboorte (samsara) kan volgens het boeddhisme alleen gestopt worden door de directe realisatie van de ultieme waarheid van de leegte.

Retraite: Periode van afzondering van de buitenwereld, om zich geheel te kunnen concentreren op de religieuze beoefening. Zie ook deze les van Lama Zopa Rinpochee en deze brief over retraite doen.

Rinpochee: Tibetaans voor 'waardevolle', een titel die gebruikt wordt voor zeer gerespecteerde leraren (lama's). Deze titel wordt vooral vaak gebruikt voor leraren die een herkende wedergeboorte zijn van een erkende leraar, maar dit is niet altijd zo.

Sadhana: Sanskriet voor een specifieke (meestal tantrische) beoefening.

Sakya: Eén van de vier belangrijkste scholen binnen het Tibetaans Boeddhisme.

Samadhi (Pali): (Skt. samādhi; Tib. tingédzin; Wyl. ting nge ‘dzin) wordt vaak vertaald als meditatieve absorptie of éénpuntige concentratie. Het betekent in het boeddhisme een geconcentreerde, ontspannen, naar binnen gerichte aandacht of meditatie, die voor een langere periode gehandhaafd is. Het Sanskrit samādhi betekent 'dingen bijeen houden'. Het Tibetaanse tingédzin beteken, 'goed vasthouden' en 'zonder afleiding', dus er is geen beweging. Een alternatieve omschrijving is het 'samenkomen van de geest' of 'eenpuntigheid van geest'.

Samatha (Pali): zie Shamatha (Skt.)

Samantabhadra: Een Boeddha die vooral bekend is vanwege zijn bijzonder uitgebreide offergaven en toewijdingen.

Samsara: Sanskriet voor de cyclus van leven, dood en geboorte waarbij we ongecontroleerde wedergeboortes ervaren onder invloed van verstorende emoties en karma. Het proces ontstaat door onwetendheid en is getekend door problemen en lijden.

Sangha: Sanskriet voor spirituele gemeenschap. In de meest beperkte zin, de gemeenschap van Arhats ('heiligen'), ook gebruikt als monniken en nonnen in het algemeen, of zelfs in het algemeen als de boeddhistische gemeenschap.

Shakyamoeni (Boeddha): De historische Boeddha (ook wel Gautama Boeddha  of gewoon 'de Boeddha' genoemd) die rond 560 v.Chr werd geboren als Prins Siddharta in een klein koninkrijk in Noord-India. Als Indiase prins had hij een zeer comfortabel, rijk en zorgeloos leven. In de wereld buiten zijn paleis werd hij echter geconfronteerd met ziekte, ouderdom en dood. Dat was voor hem aanleiding om zijn koninklijk bestaan vaarwel te zeggen en op zoek te gaan naar de verlichting, de verlossing van het lijden. Zijn inzichten en ervaringen gaf hij door aan zijn leerlingen, zodat zij net als hij de verlichting kunnen bereiken.

Shamatha: (Skt. śamatha; Tib. shyiné; Wyl. zhi gnas) of 'kalmte' ('calm abiding', ‘peacefully remaining’ or ‘tranquillity meditation’). Shama betekent vrede, tha betekent ‘verblijven’ of ‘stabiliteit’. Shyi betekent ook vrede, is zijn of verblijven. Er zijn twee centrale types meditaties in het boeddhisme: shamatha en vipashyana. De methode van kalmte werkt met de conceptuele geest. Wanneer je in staat bent daar voorbij te gaan en het domein van de wijsheid van zelfloosheid of de leegte bereikt, wordt het vipashyana (Skt.) of helder inzicht genoemd.

Shantideva: Belangrijke boeddhistische meester uit India in de 8ste eeuw. Zijn bekendste werk is de Bodhisattvacharyavatara; 'Het pad van de bodhisattva-krijger' of 'Beoefeningen van bodhisattva's'.

Soetra: Boeddhistische tekst met onderricht van de Boeddha.

Shunyata: Sanskriet voor het boeddhistische concept van leegte of zelfloosheid. Een directe realisatie (ervaring) van shunyata vormt de basis om van de ongecontroleerde cyclus van wedergeboorte (samsara) te kunnen ontkomen.

Tantra: Sanskriet voor 'continuiteit' of 'stroom'. 1. In het algemeen het systeem van meditatie zoals in de tantrische teksten beschreven wordt. 2. Een geschrift dat tantrische beoefeningen beschrijft. Deze boeddhistische leringen worden ook Tantrayana, Mantrayana, Vadjrayana of 'geheime leer' genoemd. De methodes bevatten veel symboliek, meditatie en vooral een goede begeleiding door een gekwalificeerde leraar is essentieel.

   Thangka van de Groene Tara
 
Thangka
Groene Tara

Tantrayana of vajrayana: Sanskriet voor het tantrische voertuig. Een school binnen het Mahayana boeddhisme die zich met tantra bezighoudt.

Tara: Vrouwelijke meditatieboeddha, vaak symbolisch voor wijsheid en juiste actie. Traditioneel worden maandelijks gebedsdiensten (poedja's) georganiseerd die zich richten op deze boeddhavorm, met name op de achtste van de Tibetaanse maand. Er bestaan verschillende vormen van Tara, zie bijvoorbeeld de De lofzang aan de 21 Tara's. Zie ook Tantra.

Thangka: Tibetaanse rolschildering, meestal met boeddhistisch motief. Er worden regelmatig thangka schildercursussen georganiseerd in Amsterdam en Loenen.

Tibetaans boeddhisme: Boeddhistische traditie die vanuit India werd ingevoerd naar Tibet. Het wordt gerekend tot het Mahayana boeddhisme en bevat veel elementen van boeddhistische tantra.

Toevlucht nemen: Boeddhist worden; men 'neemt toevlucht' oftewel stelt vertrouwen in de Boeddha, zijn leringen (Dharma) en de spirituele gemeenschap (Sangha).

Toelkoe of tulku: Tibetaans voor 'Emanatie-lichaam'. Een titel gebruikt voor grote boeddhistische meesters die controle hebben over hun wedergeboorte.

Toewijden: Na een positieve activiteit kun je met verheugen en toewijden de opgewekte positieve energie een duidelijke richting geven. Zie bijvoorbeeld enkele traditionele toewijdingsgebeden.

Tsatsa: Tibetaans woord voor een (meestal kleine) klei-figuur met boeddhistische afbeeldingen.

Tsong Khapa (1357 - 1419): Belangrijke Tibetanse meester en oprichter van de Gelug traditie in Tibet.

Vadjra of vajra: Ritueel voorwerp, van oorsprong een soort scepter. Het woord wordt ook wel vertaald als diamant, om onvernietigbaarheid uit te drukken.

Vadjrayana, ook Vajrayana, Tantrayana of Mantrayana: Sanskriet voor het tantrische voertuig, oftewel de boeddhistische methode die tantra gebruikt. Een school binnen het Mahayana boeddhisme die zich met tantra bezighoudt. Dit duidt vooral op het Tibetaans boeddhisme, hoewel er ook in Nepal, Japan en China restanten van tantrische beoefening aanwezig zijn.

Venerable: Engelse aanspreektitel voor monnik of non - in het Nederlands is dit 'eerwaarde'.

Verlichting: De hoogste staat van verlichting is de staat van een Boeddha. Soms wordt een Arhat ook verlicht genoemd; dit is een persoon die Nirvana bereikt heeft, oftwel de bevrijding van de cyclus van ongecontroleerde wedergeboorte.

Verlichtingsgeest: De wens om voor het welzijn van alle voelende wezens zelf boeddha te worden, ook bodhicitta genoemd in het Sanskriet.

Verstorende emoties: Misvattingen en de resulterende verstoorde staten van de geest. Verwarde mentale staten die de oorzaken zijn van problemen en lijden, en obstakels vormen voor bevrijding (verlichting). Ze verstoren onze geestelijke rust en zorgen dat we schadelijk handelen voor onszelf en anderen. De drie belangrijkste verstorende emoties zijn: begeerte of gehechtheid, woede en onwetendheid. Andere voorbeelden zijn: trots, twijfel, jaloezie en verkeerde zienswijzen, die meestal zijn opgebouwd uit één of meer van de drie belangrijkste verstorende emoties.

Vipassana (Pali): see Vipashyana (Skt.).

Vipashyana: (Skt. vipaśyanā; Pali Vipassana, Tib. lhaktong; Wyl. lhag mthong) helder inzichtsmeditatie. Vi is verkort voor vishesa, dat spedciaal, superieur of specifiek betekent. Pashyana, betekent zien of kijken. Lhak is uniek en and tongbetekent zien. Dus het betekent: op een bijzonder heldere manier dingen zien. Er zijn twee centrale types meditaties in het boeddhisme: shamatha en vipashyana. De methode van kalmte werkt met de conceptuele geest. Wanneer je in staat bent daar voorbij te gaan en het domein van de wijsheid van zelfloosheid of de leegte bereikt, wordt het vipashyana (Skt.) of helder inzicht genoemd.

Voelende wezens: Levende wezens binnen de kringloop van de cyclus van ongecontroleerde wedergeboortes (samsara) die een geest/bewustzijn/gevoel bezitten. In het algemeen worden dieren tot voelende wezens gerekend, maar planten niet.

   Maken van een zandmandala
 

Maken van een
zandmandala

Wang: Tibetaans voor een volledige initiatie in tantra, of toestemming voor een specifieke beoefening binnen het vadjrayana.

Wedergeboorte: Het geloof in het boeddhisme dat de geest een voortgang van bewustzijn is en sinds beginloze tijden verschillende vormen (levens) aanneemt. Of we goede of slechte ervaringen meemaken hangt af van ons karma (acties) uit het verleden. Ongecontroleerde wedergeboorte (samsara) kan volgens het boeddhisme alleen gestopt worden door de directe realisatie van de ultieme waarheid van de leegte.

Wijsheid: in de boeddhistische wordt onderscheid gemaakt tussen de wereldse wijsheid (wijsheid van acties in het 'alledaagse leven'), en ultieme wijsheid: de wijsheid van zelfloosheid of leegte. Deze laatste wijsheid doorziet de ware natuur van de werkelijkheid die voor ons normaal gesproken verborgen is. De realisatie van deze ultieme wijsheid maakt het mogelijk de bevrijding en zelfs het boeddhaschap te bereiken.

Yidam: Tibetaans voor meditatieboeddha. Dit is een boeddhavorm waar men in beoefeningen van het Vajrayana op mediteert.

Zandmandala: Een zandmandala is een symbolische weergave in gekleurd zand van een zuivere wereld zoals een Boeddha die ervaart, waarin iedereen gelukkig is en geen lijden ondergaat. Zie ook Tantra.

Zelfloosheid: Belangrijk begrip in het boeddhisme dat de onveranderlijke 'atman' (Sanskriet) ofwel 'ziel' of 'zelf' uit het hindoeisme ontkent. Dit is de kern van de filosofie van de leegte of zelfloosheid.

Zevendelig gebed: Een traditioneel gebed waarbij 7 beoefeningen gecombineerd worden

Zuiveren, zuivering: neutraliseren van de schadelijke lading van mentale indrukken die zijn overgebleven na het verrichten van schadelijke acitiviteiten (karma) met lichaam, spraak of geest, die tot vervelende gevolgen leiden.

 

 

           FPMT logo

  Home  |  Vorige pagina  |  ^Top van de pagina            

Studie en meditatie in het Tibetaans boeddhisme           

Laatste pagina update: 5-jul-17
© Maitreya Instituut 2000-2017